dinsdag 9 april 2019

Liquidatie N-VA deel 3.

Na mijn mail aan Jan Jambon dd. 10 juli krijg ik eind juli Maarten Vanderhenst aan de lijn. Maarten is verantwoordelijk voor de ledenadministratie en hij meldt mij dat er een probleem is met mijn lidmaatschap omdat ik mijn ontslag ingediend had. Ik vertel hem dat dit zeker niet het geval was en ik vraag hem om in de toekomst per mail te communiceren zodat er in de toekomst geen discussie zou kunnen ontstaan over hetgeen wel of niet gezegd is.

Op dinsdag 30 juli stuur ik een mail naar Maarten Vanderhenst en in die mail zet ik heel duidelijk uiteen dat ik zeker nooit mijn ontslag gaf als lid. Ik verwijs naar de statuten en ik vraag stel wat er zich feitelijk afgespeeld heeft.

Maarten antwoordt mij op 31 juli dat ik een gemotiveerd schrijven moet richten aan de partijraad met de vraag om terug lid van de N-VA te mogen worden.

Dezelfde dag antwoord ik als volgt:

"Beste Maarten, 
In de statuten lees ik heel duidelijke zaken over een verzoenings- en tuchtcommissie, het geven van een blaam, schorsing en uitsluiting van leden, de betekening van beslissingen en procedures allerhande. Op geen enkel moment ben ik op de hoogte gebracht van een eventuele procedure, laat staan van het feit dat ik verbannen werd uit de partij. Om de zaak fatsoenlijk te kunnen voorbereiden, zou ik moeten weten: Wanneer en door wie er besloten werd om mij te schrappen als lid van de N-VA? Op basis van welke argumenten dat gebeurde? Waarom ik daarvan nooit op de hoogte werd gebracht? Waarom ik nooit de kans gekregen heb om mij te verdedigen? Kun je me deze gegevens zo snel mogelijk bezorgen? Bij voorbaat dank. Met vriendelijke groeten, Erik Geenen."

Op diezelfde 31ste juli ontvang ik volgend antwoord van Maarten:

"Hallo Erik 
Voor alle duidelijkheid het gaat niet over een verzoenings- en tuchtdossier, maar over de opzeg van je lidmaatschap door jou. Dat is gewoon een administratieve procedure. De verzoenings- en tuchtcommissie heeft hier niets mee te maken, want niemand heeft ooit klacht tegen jou ingediend. Ik contacteer je volgende week opnieuw als ik meer weet. Met vriendelijke groeten, Maarten Vanderhenst Provinciaal Bewegingsverantwoordelijke Antwerpen"

Na ontvangst van die mail reageer ik onmiddellijk als volgt:

"Beste Maarten, 
Zoals ik al enkele malen duidelijk gesteld heb, heb ik mijn lidmaatschap nooit opgezegd. Gelukkig had ik tijdig in de gaten dat ik geen uitnodiging tot het betalen van mijn lidgeld had ontvangen en heb ik mijn lidgeld voor 2013 begin januari zelf betaald. Aangezien in nooit mijn ontslag gegeven heb, dringen volgende vragen zich op: Waarom zou ik mijn lidgeld betalen als ik mijn ontslag gegeven zou hebben? Op basis van welke gegevens heeft men geconcludeerd dat ik mijn ontslag gegeven had? Wie heeft die conclusie getrokken en waarom werd ik daarvan niet op de hoogte gebracht? Wat is de exacte datum waarop mijn verzonnen ontslag geacteerd werd? Als ik per aangetekende brief een lidmaatschap of abonnement opzeg, ontvang ik altijd meerdere brieven, mails of telefoons om mij te overtuigen om toch lid te blijven. Bestaat er bij de N-VA geen procedure om leden te overtuigen om toch lid te blijven? Wordt er van mij verwacht dat ik ga pleiten om een onbestaand ontslag ongedaan te maken? 
Met vriendelijke groeten, Erik Geenen."

Na het pingpongspelletje op 31 juli weet men blijkbaar niet goed meer hoe het nu verder moet en duurt het tot 13 augustus tot ik volgende mail ontvang:

"Hallo Erik 
Even kort: ik ben onderstaand niet uit het oog verloren, maar moet nog even wachten tot er een aantal mensen terug zijn uit vakantie. Ik hou je zeker op de hoogte. Met vriendelijke groeten, Maarten Vanderhenst Provinciaal Bewegingsverantwoordelijke Antwerpen"

Enkele dagen later krijg ik een telefoontje met het verzoek om op donderdag 3 oktober om 15 uur naar de hoofdzetel van de partij te komen voor een meeting met Jan Jambon en Piet De Zaeger. Naar goede gewoonte werd er eerst wat rond de pot gedraaid tot ik aan Jan Jambon vroeg wat er nu in feite aan de hand was. De zaak was duidelijk: ik had mijn ontslag gegeven. Toen ik dit heel krachtig ontkende, vroeg ik op grond van welke informatie men bij de N-VA besloten had dat ik mijn ontslag gegeven had. Dat lag moeilijk want die informatie was vertrouwelijk. Wat is er echter vertrouwelijk als iemand, die zogezegd zelf zijn ontslag gegeven had, vraagt hoe hij dit ontslag dan wel ingediend had. Het lag allemaal nogal gevoelig tot ik zei dat ik dan wel naar de pers zou stappen met dit bizarre verhaal. Daarop vroeg Jan Jambon aan Piet De Zaeger om open kaart te spelen waarop De Zaeger zijn kantoor verliet.

Enkele minuten later kwam Piet De Zaeger terug met een stapeltje papieren. Deze papieren bleken mijn schriftelijke vragen op de algemene vergadering van de Nationale Bank te zijn waarop ik even een beetje boos werd. Op dat moment was het duidelijk dat ik geschrapt was op een manier waarbij verschillende essentiële artikelen van de N-VA statuten overtreden waren en aangezien men hierbij gebruikgemaakt had van een brief die gericht was aan de "Regentenraad van de Nationale Bank van België" kwam hier zowaar nog eens schending van het briefgeheim bovenop.

Liquidatie N-VA deel 4.

Nadat alle kaarten op tafel lagen was het duidelijk dat de partijleiding van de N-VA zich van mij ontdaan had op een manier die tegenstrijdig was met alle punten die hierover in de statuten voorzien waren.
Men had om één of andere reden een duidelijke belofte niet nageleefd en omdat ik hierover uitleg vroeg en mij niet neerlegde bij het feit dat ik totaal genegeerd werd, had de partijleiding blijkbaar besloten om mij te schrappen zonder de statuten hieromtrent te eerbiedigen. Had mijn zesde zintuig mij niet gewaarschuwd, over het feit dat ik geen uitnodiging voor het hernieuwen van mijn lidmaatschap ontvangen had, zou ik nu gevangen zitten in een welles-nietes spelletje waarbij ik bij het overgrote deel van het publiek de schijn tegen mij zou gehad hebben.
Dankzij het feit dat ik vervolgens uit eigen beweging tijdig mijn lidgeld betaalde en nauwgezet alle correspondentie bewaard heb, kan ik nu zwart op wit aantonen wat er werkelijk gebeurd is.
Op het moment dat dit begon door te dringen, besloot Jan Jambon dat er blijkbaar ergens een fout gebeurd was en dat ik nog steeds lid van de N-VA was. Het enige probleem was dat men mij een nieuw lidnummer zou moeten geven omdat het informaticasysteem niet zou toelaten om mij mijn oude lidnummer terug toe te kennen. Omdat het hier toch over een heel speciale situatie ging, stelde ik voor om voor mij een speciale gouden lidkaart te laten maken zodat men mijn oorspronkelijke lidnummer er in kon laten graveren. Om een lang verhaal kort te maken: ik werd terug N-VA lid en ik mocht mijn oude lidnummer 8380 behouden.- Daarmee was het probleem van mijn onrechtmatige schrapping opgelost, welliswaar zonder enige verontschuldiging, doch bleef het Nationale Bank verhaal uiteraard een open end story en daarom stuurde ik op 6 januari 2014 volgende mail naar Jan Jambon:
Beste Jan,
Voor het nieuwe jaar wens ik je eerst en vooral een goede gezondheid en verder veel gelukkige momenten met je familie en vrienden, mooie successen en weinig zorgen.- Na mijn schrappingsavontuur had ik eerlijk gezegd wel op een of ander vervolg gerekend doch je zult het waarschijnlijk te druk gehad hebben met andere zaken. Zoals ik in maart al aangaf, had ik mij graag mee in de strijd gegooid voor de federale verkiezingen doch gelet op de ontwikkelingen zal dat wellicht niet nodig zijn.- Uiteraard heb ik een ganse lijst van zaken, die ik graag mee verwezenlijkt had, doch cruciaal blijft voor mij uiteraard het Nationale Bank dossier. Vooraleer de kiesstrijd in volle hevigheid losbarst, had ik graag het officiële standpunt van de partij over dit schandaaldossier gekend. Is de N-VA bereid om een eind te maken aan de onwaarschijnlijke discriminatie van de privé aandeelhouders van de NBB?- In bijlage een copij van een brief die ik al aan verschillende ministers heb bezorgd. In feite is mijn vraag de volgende: Is de N-VA bereid om het eerste dividend voor de aandeelhouders van de NBB aan te passen aan de evolutie van de koopkracht? Dat eerste dividend van 60 frank uit 1850 bedraagt vandaag nog steeds 60 frank terwijl het inkomen van de gouverneur steeg van 18.500 frank per jaar tot bijna 30 miljoen frank dit jaar. Omgerekend bleef een frank uit 1850 voor de aandeelhouders van de NBB een frank terwijl het inkomen van de gouverneur steeg met een factor 1600. Is de N-VA bereid om te ijveren voor het aanpassen van dit eerste dividend zodat de koers van het aandeel naar een meer aanvaardbaar peil van minimum 12.000 euro kan stijgen? Dit kost de Belgische Staat geen cent, het brengt de Staat zelfs geld op.- Graag ontving ik op deze vraag zo snel mogelijk een duidelijk antwoord.- Zoals je weet, ben ik steeds bereid om een en ander te komen toelichten.- Met vriendelijke groeten,- Erik Geenen.

Opnieuw moest ik echter vaststellen dat ik volledig genegeerd werd met uitzondering van een korte nietszeggende mail van Jan Jambon op vrijdag 31 januari in de vroege morgen, de dag van de start van het belangrijke N-VA congres in Antwerpen:- 
Beste Erik,
Zoals al meermaals bevestigd onderschrijf ik je visie dat de privé-aandeelhouders van de NBB systematisch gediscrimineerd worden. Het ligt dus voor de hand dat we ons verder zullen inspannen om deze discriminatie weg te werken.- Wat het dividend betreft zou je me iets beter moeten documenteren, omdat ik de inpak van je voorstel momenteel niet kan inschatten. Een dividend is toch een uitkering op basis van de geboekte winst en volgt die evolutie en niet noodzakelijk de koopkracht?
Groeten, Jan- 

Deze mail ontving ik nadat ik op 21 en 30 januari een korte mail verstuurd had om te herinneren dat ik opnieuw geen antwoord kreeg op mijn eenvoudige vraag. Achteraf gezien was het heel duidelijk dat die mail van 31 januari bedoeld was om er voor te zorgen dat ik mij niet zou roeren tijdens het congres. Gelet op mijn ervaringen met politici en mijn schrappingsverhaal heb ik vervolgens nog enkele keren geprobeerd om een antwoord op mijn vraag te krijgen doch om één of andere reden is men bij de N-VA niet bereid om schriftelijk een duidelijk standpunt in te nemen net zoals men niet geïnteresseerd was om mij de zaak te laten toelichten hetgeen Jan Jambon in zijn mail van 31 januari toch duidelijk aangaf. Jan Jambon vraagt in zijn mail duidelijk bijkomende inlichtingen en uit zijn antwoord blijkt trouwens dat hij totaal niet op de hoogte is van de dividendproblematiek bij de NBB. Toch geeft hij na het congres geen teken van leven meer.

Voor mij is de maat op dat moment uiteraard vol want ik besef als geen ander dat ik een engagement op papier moet hebben voor de verkiezingen van 25 mei. Daarom stuur ik op maandag 14 april volgende korte mail naar Jan Jambon waarbij ik hem herinner aan de onbeantwoorde mails van 31/01, 11/03, 24/03 en 3 april:
Beste Jan,
Zondag 13 april is ondertussen verstreken zonder enige reactie op mijn mails dd. 31 januari, 11 maart, 24 maart en 3 april.- De ongeschreven en onuitgesproken boodschap is klaar en duidelijk overgekomen, ik zal daar in de komende dagen gepast op reageren.
Met vriendelijke groeten,- Erik Geenen.

Aangezien ik in de dagen daarvoor op Twitter en andere media al voorzichtig aangegeven had dat ik mijn verhaal zou publiceren, kreeg ik op 17 april volgend antwoord van Jan Jambon:
Erik,
Je weet hoe we staan tegenover het dossier van de NBB, daar hebben we het al vaak genoeg over gehad.- Ik hou er echter helemaal niet van om met jou te handelen op basis van ultimatums en dreigementen.- Geef ons de gelegenheid om op het gepaste moment een dossier te verdedigen en niet het op voorhand al onmogelijk te maken.
Vriendelijke groeten, Jan

We spreken ondertussen van 17 april 2014 en de mensen die mijn verhaal volledig gelezen hebben, weten dat dit drama zich reeds in februari 2011 begon te ontwikkelen. Gedurende drie jaar heeft men spelletjes gespeeld, mij op alle mogelijke manieren genegeerd en mij vervolgens zonder enige mogelijkheid tot verdediging geliquideerd als partijlid. Ik heb mij altijd zo correct mogelijk en hoffelijk opgesteld doch ik ben wel beleefd en kordaat blijven aandringen. Gelet op de gebeurtenissen en het tijdsverloop van drie jaar vond ik de passage van die ultimatums en dreigementen dan ook zwaar overdreven. Persoonlijk zou ik durven zeggen dat ik misschien een beetje te geduldig geweest ben doch ik ga er van uit dat de lezer van dit verhaal zelf wel zijn conclusies zal kunnen trekken.

woensdag 3 april 2019

Wanneer openbaart zich de volgende fase van de financiële crisis?

De voorbije jaren heb ik mij overal en nog ergens verzet tegen de term "volgende crisis" omdat er geen volgende crisis komt doch wel de volgende fase van de financiële crisis die medio 2007 langzaam maar zeker op gang kwam.  Het lijkt misschien niet belangrijk doch dat is het wel omdat bij een "volgende" crisis de verantwoordelijke financiële tovenaars, toezichthouders en politici van de oude crisis vrijuit gaan.  Na het uitbreken van de financiële crisis kregen we een voorlopige grand finale gepresenteerd tussen september en december 2008.  Aangezien het financiële systeem wereldwijd op enkele millimeters van de afgrond balanceerde, werden over gans de aardbol onderzoekscommissies in het leven geroepen en de besluiten van deze organen waren opmerkelijk gelijklopend.

De hoofdoorzaken van de crisis waren:
1. De wereldwijd onhoudbare schuldenbergen;
2. Rentevoeten die te laag waren om de risico's van die schulden te dekken;
3. Financiële instellingen die te groot geworden waren om failliet te laten gaan.

Met zulke eenvoudige besluiten lag het voor de hand wat er moest gedaan worden doch aangezien de problemen zo'n waanzinnige proporties hadden aangenomen koos men voor de gemakkelijkste weg:
1. Er werden nog veel meer schulden gecreëerd;
2. De rente werd onder nul gezet;
3. En aangezien de problemen bij Deutsche Bank blijkbaar onoplosbaar geworden zijn, probeert men een fusie met Commerzbank te forceren.  Van "too big to fail" naar "too big to save".  Slechts één vier-letterwoord verschil doch eentje dat kan tellen.

Toen Obama begin 2009 president van de VS werd bedroeg de staatsschuld +/-10.400 miljard USD.  Tien jaar later staan we op +/-22.200 miljard USD.
Een beter voorbeeld, over hoe men de schulden verlaagd heeft, kan er moeilijk gevonden worden.

Dat de rente, in plaats van opgetrokken, kunstmatig verlaagd werd tot nul is een fenomeen waarover iedere spaarder kan meepraten.  De reden hiervoor is simpel: Failliete banken en overheden moesten kost wat kost overeind gehouden worden en de spaarder mocht opdraaien voor de rekening.

Hierbij mag je één cruciaal gegeven niet uit het oog verliezen!
Wij leven zogezegd in een kapitalistisch systeem en in een kapitalistische maatschappij is het faillissement de belangrijkste factor om het systeem gezond te houden, de rotte appels moeten eruit om de gezonde te redden.  De rekening voor het kunstmatig overeind houden van failliete financiële instellingen en overheden kan niet becijferd worden doch dat ze dramatisch hoog zal zijn staat als een paal boven water.

Een ondergelopen kelder krijg je niet droog door er water in te pompen;
Een zware brand blus je niet met benzine;
Een crisis van teveel schulden los je niet op door veel meer schulden te maken.

Dit is eenvoudige logica pur sang doch omwille van de enorme gevolgen is het een logica die omwille van psychologische factoren genegeerd wordt.  Niemand wil weten dat zijn spaarcenten, levensverzekeringen en zijn pensioen waardeloos gemaakt worden en wat de monetaire, maatschappelijke en geopolitieke gevolgen daarvan zullen zijn.

Dit verhaal is zo onwaarschijnlijk eenvoudig en toch zullen op het moment van de waarheid minder dan vijf procent van de mensen zich voorbereid hebben op het onvermijdelijke.  De reden hiervoor is eveneens zo klaar als pompwater: Als meer dan vier procent van de spelers doen wat ze zouden moeten doen, op basis van het hoger vermelde verhaal, dan klapt het systeem in mekaar.  Als meer dan vier procent afhaakt zal men op de STOP-knop drukken en na enkele dagen of weken U de nieuwe spelregels komen uitleggen.  Nu mag Uzelf uitmaken of die nieuwe regels positief of negatief aan uitvallen voor de +95% die hun kop in het zand gestoken hebben.  Hoogstwaarschijnlijk kent U het antwoord op de vraag.  De overblijvende vraag is: Wilt u het antwoord kennen of is het rustgevender om het te negeren?

vrijdag 22 maart 2019

De vraag voor directeur Vanackere

Woensdagavond 20 maart 2019


Directeur Vanacker,
deugdelijk bestuur,
alle Belgen zijn gelijk voor de Wet:
Zegt U dat iets, heeft U daar al eens over gehoord?

Op 28 juli 2011 ondertekende koning Albert II een wet die bepaalt dat een derde van de leden van de raad van bestuur van een beursgenoteerde vennootschap van een ander geslacht moet zijn als de overige twee derde.  Voorlopig betekent dat dat één op drie leden van de raad van bestuur een vrouw moet zijn.  Ik verwijs naar de foto op pagina 31 van het jaarverslag en de samenstelling van de raad van bestuur van de beursgenoteerde Nationale Bank:

De directie van de Nationale Bank telt dankzij mij nog zes directeurs, zonder de groene petten hadden het er wellicht negen geweest vandaag.
Van die zes directeurs is er geen enkele een vrouw.
De Wet zegt 33% vrouwen, sinds wanneer is nul 33% van 6?

Breiden we het begrip raad van bestuur van de Nationale Bank uit naar de corrupte regentenraad dan komen we op één vrouw op 16 leden!
De Wet zegt 33% vrouwen, sinds wanneer is één 33% van zestien?

Omdat men bij de Nationale Bank die bewuste wet niet naleeft kan de NBB geen directieleden meer afvaardigen naar allerlei belangrijke raden zoals o.a. de vergrijzingscommissie.

Na het vertrek van directeur Marcia De Wachter komt plots Steven Vanackere uit de lucht vallen als nieuwe directeur waardoor er nu geen enkele vrouw meer zetelt in de directie van de NBB.

Hoe gaat zoiets in zijn werk?
Waarom houden politici zich niet aan de wetten die ze zelf aan hun landgenoten opleggen?

De woordvoerder van de Nationale Bank

Woensdagavond werd ik na de presentatie van Steven Vanackere in Kasterlee verbaal aangevallen toen ik mijn vraag aan het stellen was.  Mijn vraag zou welgeteld één minuut en vijfenveertig seconden in beslaggenomen hebben doch na vijftien seconden begon men mij te onderbreken en toen ik gewoon wilde doorgaan met het afronden van mijn vraag werd de vragenronde abrupt afgebroken door Geert Sciot, de nieuwe woordvoerder van de Bank.  In de negentien jaar, dat ik tegen de corruptie en het wanbeleid van de Nationale Bank strijd, heb ik al van alles meegemaakt doch dit was een totaal nieuwe ervaring.  Een duidelijker bewijs, dat de vraag die ik wilde stellen bijzonder gevoelige materie betreft, kan er moeilijk geleverd worden.  In mijn volgende post zal ik mijn vraag integraal weergeven, het schrijven dat ik vandaag aan de heer Sciot richtte, vindt U hieronder:

Mijnheer Sciot,



Hierbij zou ik U willen danken voor Uw ongepaste tussenkomst woensdagavond te Kasterlee.  Het feit dat U daar aanwezig was en vooral de manier waarop U tussenkwam toont aan hoe gevoelig de materie van het negeren van de wettelijke verplichting, inzake de vertegenwoordiging van vrouwen in raden van bestuur van beursgenoteerde bedrijven, ligt bij de Nationale Bank en de politici die willens nillens hun voeten veegden aan de wetten die ze zelf gecreëerd hebben.


Dit betekent echter niet dat ik gelukkig ben met de stunt die U in de Stille Kempen uithaalde en daarom geef ik U graag de kans om U hiervoor gemeend te verontschuldigen zodat we in de toekomst op een waardige manier met mekaar in de clinch kunnen gaan.



Uit Uw ongepaste tussenkomst heb ik wel geleerd dat er op de algemene vergadering van maandag 20 mei voor het eerst in de geschiedenis duidelijk zal geantwoord worden op de vragen die de aandeelhouders stellen en dat die antwoorden eveneens genotuleerd worden zodat een gegeven antwoord in de toekomst niet willekeurig aangepast kan worden aan de omstandigheden zoals dat in het verleden dikwijls het geval was.  Of had ik dat verkeerd begrepen?



Wat bedoelde U trouwens met die opmerking dat ik graag eet en drink?  De meeste mensen eten en drinken toch graag?  Daarbij was U wellicht uit het oog verloren dat ik als aandeelhouder van de Bank dat eten en drinken in feite zelf betaal.  Was het de bedoeling om mij daar in het publiek even belachelijk te maken?  Behoort dat tot de nieuwe strategie die U bij de Nationale Bank uitstippelt?

Met beleefde groeten,

Erik Geenen.